Wanneer is een vakantie echt vakantie?
Ik zou willen dat ik kon zeggen dat ik op vakantie mijn werk loslaat. Telefoon weg, laptop thuis, hoofd op nul. Maar juist op vakantie staat mijn hoofd het hardst aan.
Het is een rare bijwerking van mijn vak. Als je werk bestaat uit dingen verzinnen (een concept voor een podcast, een insteek voor een show, een mash-up tussen twee nummers) dan kun je dat niet zomaar uitzetten. Een goed idee vraagt niet of het gelegen komt. Het komt langs wanneer het wil. En blijkbaar reist het graag mee op vakantie.
Op een terrasje in Bologna bedacht ik ineens de complete opzet voor een nieuwe podcast serie. Niet omdat ik erover zat te piekeren, maar juist omdat ik dat niet deed. Geen mail, geen deadline, geen agenda. Vanuit het niets kwam het aanwaaien. Ik heb de hele middag op mijn laptop zitten typen, terwijl The Subtle Art of Not Giving a F*ck van Mark Manson ongeopend onder in mijn tas bleef liggen.
Creativiteit is soms iets geks. Zet me achter een leeg document met de opdracht “bedenk iets goeds” en het kost veel moeite. Maar zodra ik ontspan, gaat het vanzelf. De beste ideeën komen niet als ik ze zoek, maar als ik ze met rust laat. En op vakantie lukt dat nu eenmaal het best.
Lang vond ik dat een probleem. Ik gun mezelf nooit echt rust, dacht ik. Ik kan het werk niet eens loslaten als ik er expres voor wegga. Maar ik ben er anders naar gaan kijken. Want als het verzinnen van dingen je werk is, en dat gebeurt vanzelf op het strand zonder dat het moeite kost, is dat dan nog wel werk? Of juist het bewijs dat ik het goede vak heb gekozen?
Dus nee, ik heb eigenlijk nooit echt vakantie. Mijn hoofd blijft draaien, ook tussen de zonnebrand en de sangria door. Maar ik ben gestopt met dat erg te vinden. Misschien is dat wel de mooiste vakantie die er is: eentje waar je niet uitrust, maar geïnspireerd raakt.
Hielke Boersma
Radio DJ SLAM!, presentator, dagvoorzitter