Journalistiek moet verschillen, technologie moet je delen
Journalistieke organisaties willen zich inhoudelijk onderscheiden. In toon, invalshoek en publiek. Maar als het om technologie gaat, doen we vaak alsof dat óók volledig uniek moet zijn om dit doel te bereiken. Dat is een misvatting. Niet ondanks, maar juist dankzij gedeelde technologie wordt journalistiek verschil scherper.
Maar gezamenlijke ontwikkeling brengt ook risico’s met zich mee: hoe meer partijen betrokken zijn, hoe groter de kans dat processen vertragen en snelheid verdwijnt. Zeker bij iets nieuws als AI, waar je juist snel wilt leren en bijsturen, is dat niet wenselijk. KiesKennis was een experiment op meerdere vlakken, waaronder de vraag of een federatief model helpt om AI efficiënter te ontwikkelen. Dat bleek bijzonder goed te werken.
Wat je technisch nodig hebt, is grotendeels hetzelfde
De technische basis van KiesKennis is centraal ontwikkeld bij Rijnmond en gedeeld met zeven andere regionale publieke omroepen. Dat maakte het mogelijk om snelheid, schaal en betrouwbaarheid te bundelen. Veel technische keuzes zijn immers niet uniek: hoe je data structureert, hoe je antwoorden genereert en hoe je betrouwbaarheid borgt. Door die gezamenlijk te ontwikkelen, voorkom je dubbel werk en bouw je sneller door.
Maar ook juist in de verdere gezamenlijke ontwikkeling zat extra winst. Met meer redactionele capaciteit konden we sneller itereren en bijsturen. Verschillen tussen omroepen zorgden tegelijk voor scherpere keuzes. Wat voor de één werkt, werkt niet automatisch voor de ander. Die spanning bleek geen probleem, maar een voorwaarde voor betere beslissingen. Prioriteiten verschilden, tempo lag niet overal gelijk. Maar juist door die verschillen expliciet te maken, ontstond een gezamenlijk leerproces dat je alleen moeilijk kunt organiseren.
Wat het publiek bereikt, is altijd maatwerk
Waar technologie zich goed laat delen, geldt het tegenovergestelde voor publieksbenadering. Die is per definitie contextgebonden. Daarom had iedere omroep binnen hetzelfde fundament een eigen KiesKennis-omgeving. Dat de bot bij Omrop Fryslân Fries spreekt, is geen detail, maar essentieel om relevant te blijven voor het eigen publiek.
Ook hoe je zo’n toepassing aan het eigen publiek introduceert, verschilt. De ene redactie kiest voor uitleg en context, de andere laat gebruikers direct zelf ontdekken. Die keuzes kun je niet centraliseren zonder kracht te verliezen richting het publiek.
Wat dit betekent voor redacties
Samenwerken op technologie betekent niet dat je controle uit handen geeft. Het betekent dat je bewuster kiest waar je het verschil maakt. Organisaties leren gezamenlijk, maar brengen elk hun eigen kracht in. De één ontwikkelt sneller, de ander begrijpt het publiek beter. Door die kwaliteiten te combineren, ontstaat een leerproces dat je als individuele organisatie nauwelijks kunt evenaren.
Juist in een tijd waarin veel AI-ontwikkeling plaatsvindt bij grote, externe partijen, is dat relevant. Door zelf, en samen, te bouwen aan de onderliggende infrastructuur, houd je grip op hoe technologie zich ontwikkelt binnen de journalistiek.
Voor redacties is de conclusie helder: je hoeft niet alles zelf te bouwen. Maar je kunt het je ook niet veroorloven om er volledig buiten te blijven. De vraag is dus niet of je meedoet, maar hoe je je rol daarin pakt. De toekomst ligt in gedeelde infrastructuur, met ruimte voor redactionele verschillen. Niet om journalistiek te uniformeren, maar om verschillen juist scherper en zichtbaarder te maken.
Nadeche Orie
Hoofd Digitaal & Innovatie bij Rijnmond
De week van Nadeche Orie
-
ΜaandagAI als nieuw mediakanaal
-
DinsdagConcrete vragen, lokale antwoorden
-
WoensdagWie AI zonder journalisten ontwikkelt, mist de kern
-
DonderdagJournalistiek moet verschillen, technologie moet je delen
-
VrijdagWat KiesKennis ons leert over draagvlak bij AI-innovatie