Menno Hettinga
Beeldredacteur M, voorheen bij Pauw en Jinek
Menno Hettinga
ΜaandagDinsdagWoensdagDonderdagVrijdagZaterdagZondag
Vorige Volgende

Fake News

donderdag 24 mei 2018
Menno Hettinga

Hoe toevallig. Gisteren vierde ik het feit dat ik mijn 5000ste instart voor op de beeldbuis heb gemaakt. Veruit de meesten waren voor Pauw. Een goede tweede is Jinek en nu bij M is het zover.

En dat precies in de week dat ik het woord via dit medium aan u mag richten. Ik denk dat een groot deel van mijn filmpjes politiek-gerelateerd is geweest. Compilatie Kamerdebatje hier, carrièreoverzichtje van de aftredende fractievoorzitter daar, de downfall van de PvdA, de rise and fall van de LPF. Et cetera, et cetera. Veel werk. Maar leuk. En leerzaam.

Vrijwel alles maak ik door online te grasduinen in het nationaal archief van Beeld en Geluid. Hier is ruim 1.000.000 uur aan radio- en televisieprogramma’s verzameld. Zo kom je soms pareltjes tegen die allang uit het collectief geheugen verdwenen zijn. En Polygoon mensen, dat is gewoon genieten.

Soms is een instartje ‘internationale ophef door de jaren heen’ over een willekeurig onderwerp gemakkelijker te maken dan het vinden van één specifiek fragmentje.
Eén van de 5000 instarts maakte ik voor oud-politiek verslaggever Kees Boonman. Hij was bij Jinek uitgenodigd toen voormalig premier Ruud Lubbers overleed. Boonman vertelde tijdens een voorgesprek aan de redacteur, dat hij ooit ruzie had gemaakt met de minister-president van toen, in een interview voor de NOS. Het moest ergens in het najaar van 1993 geweest zijn. “Kan ook een jaar eerder zijn.” Dat zou leuk zijn om in te starten.

Voor mij was dit nogal weinig informatie om dit tamelijk specifieke moment terug te vinden. En dat is een understatement. Het werd helemaal problematisch toen ik erachter kwam dat Lubbers in die periode niet uit de Journaals weg te slaan was. Ook helpt het niet mee, dat je zelf op het bewuste moment pas net naar de kleuterschool ging en nog nooit van die Boonman gehoord hebt. Speld. Hooiberg.

Wanneer je na een uur nog één uiterste poging doet om het fragmentje te vinden, als de uitzending al lang en breed begonnen is, en je hebt alsnog beet… dan neigt dat gevoel naar het moment dat je eindelijk dat ene vervelende stukje vlees tussen je kiezen vandaan krijgt, zonder tandenstoker, nadat je uren hebt zitten pulken en zuigen: euforie.

Kritiek is er ook wel eens. Van politici of hun voorlichters bijvoorbeeld. Maar overijverige bureauredacteuren tijdens de repetitie voorafgaand aan een uitzending zijn het vermakelijkst. Tijdens een onderwerp over de politiezaak met de nekklem werd geroepen: “Slechte instart. Ik zie de nekklem nergens.” Ervan uitgaande dat de nekklem een soort wielklem zou zijn. Een voorwerp dus. Ik ga ervan uit dat u beter weet.
Of kritiek op beeld van de kinderjaren van prinses Beatrix: “Jongens, dit is saai. Het is allemaal wel erg zwart-wit. Kan daar niet wat meer kleur in?” We spreken, voor de duidelijkheid, over fragmenten uit de jaren veertig.

Gisteren zaten er drie correspondenten bij M aan de desk om te vertellen over hun vak en konden we hier overdag beeld bij bedenken. Al snel gaat het in de uitzending over ‘Fake News’. Die term wordt vaak in één adem genoemd met de naam Trump.
Zoals de coach van FC Barcelona altijd als eerst Messi op zijn opstellingsformulier invult, kun je haast stellen dat het begrip Fake News zo’n beetje bij iedere speech van de POTUS als eerste op papier staat.

Voor de beeldredactie kan het best lastig zijn om met Fake News om te gaan. Iedereen gooit tegenwoordig beeld online. Overal staan figuren met telefoons te zwaaien, om alles wat los en vast zit te filmen. Soms fijn. De voorbijganger is immers sneller ter plaatse dan een willekeurige cameraploeg. Alleen moet men wel nog even leren om horizontaal (!) te filmen. Of hebben deze mensen hun tv ook verticaal aan de muur hangen? Dat vraag ik me dan af.

Bij een willekeurige ramp zijn de eerste beelden eerder op Twitter te zien, dan op tv. Maar zijn deze stukjes iPhone-materiaal wel echt van nu en is het wel echt opgenomen op de plek waar ze zeggen dat het is? Fake News ligt op de loer. Voor je het weet zend je iets uit, dat niet is wat het lijkt. En dan zijn wij de bron van Fake News. Dat kan écht niet. Ik zou in goed Nederlands willen zeggen: Better safe than sorry.

Over Fake News gesproken. Ik had gisteren overigens niets te vieren. Niks 5000ste instartje. Niemand die dat bijhoudt. Je moet nu eenmaal niet alles geloven wat je tot je krijgt.
Wel was dit alweer mijn laatste bijdrage. Dank voor het lezen en geniet van de volgende.

Menno Hettinga
Beeldredacteur M, voorheen bij Pauw en Jinek

Bericht delen