Groene content scoort, maar wie betaalt de spagaat?
woensdag 1 juli 2026

Groene content scoort, maar wie betaalt de spagaat?

De ‘witte, oude man’ ging om. Sceptisch zat hij vier jaar geleden aan zijn eerste ‘ALBERT-tafel’ over duurzaamheid, maar nu nam Sjaak Vreeburg, de kersverse voorzitter van de Audiovisuele Federatie Nederland (AFN), glimmend van overtuiging het woord tijdens zijn eerste openbare optreden op een themabijeenkomst over (facilitaire) ‘vergroening’.

Het kán namelijk wel. Banijay, waar Vreeburg voor zijn pensioen decennialang werkte, scoorde onlangs nog een ‘Very Good’-certificering via de strenge BAFTA-duurzaamheidslat. Maar de transitie van de broadcastindustrie is allang geen theoretische discussie meer over morele plichten. Onder druk van een naderende energiecrisis, dichtgeslibde olietoevoeren en dwingende Europese wetgeving, móet Hilversum om. De grote vraag die boven de AFN-themamiddag bleef hangen: hoe overbruggen we de kloof tussen groene ambities en krimpende budgetten?

Klimaatwetenschapper en wetenschapsjournalist Kas Jansma opende de middag met een ongemakkelijke realitycheck. De CO2-concentratie in onze atmosfeer tikt inmiddels de 432 parts per million aan. Gaan we in dit tempo door, dan schieten we tussen 2045 en 2050 onherroepelijk door de kritieke twee graden-grens van het Parijs-akkoord. Onze eigen tv- en filmindustrie pompt daar vrolijk aan mee. De cijfers zijn onbarmhartig: internationaal staat één uur televisie of film maken gelijk aan de uitstoot van maar liefst negen ton CO2. Ter vergelijking: dat is bijna net zoveel als wat een gemiddelde Nederlander in een heel jaar de lucht in jaagt (ca. tien ton).

Elektrificeren
Volgens Jansma ligt het niet aan de techniek; de oplossingen zijn er. Waar het wél schuurt, is in onze psychologie. Maar liefst 85% van de Nederlanders wil best duurzamer leven, maar strandt in de zogeheten ‘klimaatspagaat’. Bij elke groene keuze lopen we tegen drie muren op: Is er geld en tijd? Zo niet, dan strandt het initiatief direct. Gedoe: leveren we comfort in als we verplicht gaan carpoolen of de thermostaat een graadje lager zetten? De Norm: Wat vinden we van onszelf, en wat verwacht de groep van ons?

De overlevingstactiek is volgens Jansma glashelder: alles wat nu op fossiele brandstof draait rigoureus elektrificeren, en vervolgens het absolute verbruik omlaag brengen. Kijk naar de filmsector, die op dit vlak merkbaar voorloopt op Hilversum. Daar is volledig vegetarische catering bijvoorbeeld inmiddels de standaard omdat het vanaf het moment van inhuren als harde, onbespreekbare randvoorwaarde wordt gecommuniceerd. Dat tackelt direct de ‘gedoe-barrière’ op de set. Voor de AFN ligt er dan ook een schone taak om die kruisbestuiving tussen film en broadcast snel op te zoeken, constateerde Vreeburg.

CSRD
Namens producent Banijay Benelux schetste COO Alex Doff de zakelijke realiteit van de nieuwe Europese wetgeving. Grote, beursgenoteerde bedrijven moeten er nu al aan geloven: de CSRD (Corporate Sustainability Reporting Directive). Dit is geen vrijblijvend groen marketingpraatje, maar een zwaar administratief proces. Op basis van een ‘dubbele materialiteitsanalyse’ – wat is de impact van het bedrijf op de planeet, en wat is het risico van een veranderend milieu op de bedrijfsvoering – moet Banijay over vijf ESG-thema’s rapporteren. Kosten: 455 datapunten bijhouden en een accountant die dwingend meekijkt over de schouder.

Dat levert wel fascinerende inzichten op. De totale uitstoot van de Banijay Group bedroeg in 2023 zo’n 365.000 ton CO2. Maar liefst 88% hiervan valt onder ‘scope 3’: indirecte uitstoot die wordt veroorzaakt door toeleveranciers en facilitaire partners. Zo heeft Southfields, dat de Eredivisie covert, een enorme ecologische voetafdruk door het constante transport van en naar voetbalstadions. Omdat accountants steeds strenger controleren op die scope 3-data, móeten producenten wel intensief gaan samenwerken met hun facilitaire partners.

En daar wringt de schoen, zo constateerde Ralph ten Kate, commercieel directeur bij gastheer Gravity Media. Natuurlijk, innovaties zoals remote regie (succesvol ingezet bij Love Island) en virtuele reclameborden besparen CO2 én kosten. Maar de volledige elektrificering van het zware wagenpark is een heel ander verhaal en kost miljoenen.

CO2-budgetten
En dat terwijl de facilitaire bedrijven lage marges draaien (circa 3%), de productiebudgetten van omroepen en producenten krimpen, terwijl de investeringen voor emissievrije zones in de grote steden juist exploderen. De conclusie is onvermijdelijk: de hele keten moet toe naar CO2-budgetten naast het financiële totaalplaatje.

Hoe pakken de broadcasters dit op? Gijs Timmermans deelde de ambitieuze verduurzamingsstrategie van DPG Media (RTL, Videoland en VTM). Stip op de horizon: in 2035 moet de CO2-uitstoot met maar liefst 63% zijn gedaald ten opzichte van 2023. Hoewel DPG vorig jaar al onder de doelstelling zat – met dank aan de krimpende oplages van fysieke kranten en magazines – zijn er harde, structurele keuzes nodig voor de televisietak, die verantwoordelijk is voor de helft van de DPG-voetafdruk.

DPG gebruikt de bekende calculator ALBERT om complexe producties door te lichten. Afgelopen jaar was 42% van de geproduceerde uren ALBERT-gecertificeerd, wat direct leidde tot een uitstootreductie van 9% per uur. Om zogeheten greenwashing en het schuiven met vage CO2-certificaten tegen te gaan, werkt de sector nu breed aan het Content Carbon Framework: een eenduidig document van veertig pagina’s dat exact definieert wat en hoe wordt gemeten.

Zolderkamer
Waar staan we over vijf tot tien jaar? Jansma hoopte vurig dat de markt dan definitief beseft dat niét verduurzamen simpelweg veel duurder is dan nu in actie komen, met als concreet einddoel: “Elektrificeer alles.” Doff wierp met een knipoog een tech-blik in de toekomst: als remote werken en AI zo snel doorontwikkelen, maakt iedereen zijn content straks vanaf de zolderkamer. “Dan hebben we nul reistijd en minimale uitstoot, al bestaan we als productiebedrijf dan waarschijnlijk niet meer.”

Timmermans hield het bij een even haalbaar als hoopvol ideaalbeeld: duurzaamheid moet transformeren van een ‘moetje’ of een administratieve drempel naar een volstrekt vanzelfsprekende basisoverweging bij de start van élk format. Gesteund door een jonge, kritische generatie medewerkers en sollicitanten die simpelweg weigert om nog doelloos in een vliegtuig te stappen, is de transitie van de media-industrie definitief onomkeerbaar. Niet perfect vanaf morgen, maar wel continu in beweging.

Bron: BM
Foto: De sprekers tijdens de AFN-themamiddag over duurzaamheid, met van links naar rechts: Gijs Timmermans, Kas Jansma, Sjaak Vreeburg en Alex Doff

Bericht delen