Dinsdag 16 januari 2018

10,6 miljoen kijkers zien eerste wedstrijd Oranje

De eerste wedstrijd van het Nederlands elftal tijdens het WK voetbal 2014, vrijdagavond tegen Spanje, heeft 10,6 miljoen kijkers op Nederland 1 getrokken. Het gaat hierbij om voetballiefhebbers die thuis óf buitenshuis iets van de door de NOS uitgezonden wedstrijd hebben gezien.

9,5 miljoen mensen hebben thuis (inclusief visite) de wedstrijd gevolgd en 1,1 miljoen mensen zagen de wedstrijd elders (horecagelegenheden, op pleinen, op het werk, etc.).

De eerste poulewedstrijd van Nederland tegen Denemarken tijdens het WK 2010 trok in totaal 9 miljoen mensen. De meest bekeken Oranje-wedstrijd tot nu toe is Uruguay-Nederland, de halve finale op het WK 2010. Toen zagen ruim 12,2 miljoen mensen iets van deze wedstrijd.

Uit een ondervraging in het MAP (Media Appreciatie Panel) blijkt dat 25% van de ondervraagden Arjen Robben de beste Nederlandse speler van deze wedstrijd vond; op de voet gevolgd door Robin van Persie met 24%.

Het vertrouwen in Oranje is groot. 67% van de ondervraagden denkt dat het Nederlands elftal aanstaande woensdag van Australië gaat winnen. En 1 op de 5 (21%) denkt na de wedstrijd van vrijdagavond dat Nederland het WK 2014 wint.

De Oranjekoorts loopt nu snel op. Bijna de helft (47%) van de ondervraagden is het daags na de overwinning op de Spanjaarden eens met de stelling ‘De maand juni staat voor mij in het teken van het WK voetbal’. Twee weken geleden was dat nog 24%.

Bovenstaand bereiksgetal van 10,6 miljoen moet niet worden verward met de gemiddelde kijkdichtheid van 7,2 miljoen, die door de Stichting Kijkonderzoek is gepubliceerd. De kijkdichtheid betreft het gemiddeld aantal kijkers thuis op enig moment gedurende de wedstrijd. Bereik gaat over het totaal aantal mensen dat een deel van de wedstrijd of de gehele wedstrijd heeft gezien.

De cijfers voor buitenshuis kijken zijn afkomstig uit aanvullend onderzoek van GfK in opdracht van Ster, NOS, NPO/KLO en SKO. Het MAP is een onderzoek dat wordt uitgevoerd door GfK in opdracht van de NPO.

Bron: NPO KLO Publieksonderzoek

Bericht delen