Een ode aan publiek: meer dan alleen opvulling
Publiek voegt iets bijzonders toe aan een televisieprogramma, maar krijgt niet altijd de aandacht die het verdient. Veel televisiemakers houden zich er niet zo mee bezig. Zelf vind ik het juist belangrijk om aandacht te besteden aan het publiek, bijvoorbeeld bij Ziggo Race Café of ESPN Eretribune. Niet voor niets wordt er voor publiek gekozen. Daar zit een gedachte achter: als je publiek hebt, benut het dan ook goed. Anders kan het juist averechts werken.
Goed publiek is enthousiast en laat dat merken met applaus of gelach. Die energie geeft een programma een boost en slaat over naar de huiskamer. Denk maar aan lachbanden. Bloedirritant soms, maar de banden worden niet voor niets gebruikt en maken een programma wel levendiger. Aanwezig publiek maakt het verschil in de beleving van de kijker.
Het publiek heeft namelijk een taak, al zijn ze zich daar niet altijd van bewust. Allereerst vullen ze de studio. Dat geeft een programma meer body. Daarom zetten we mensen op strategische plekken neer. Ook als iedereen zit, schuif ik vaak nog met mensen om de beste verdeling te krijgen. Daarbij letten we op meer dan je denkt: kleding met grote logo’s vermijden we in beeld vanwege sluikreclame, en ook uitstraling speelt mee. Een jong, verzorgd voorkomen kan bijvoorbeeld goed passen bij de doelgroep, terwijl een glimmend hoofd juist een reden kan zijn om iemand ergens anders neer te zetten. Tijdens de uitzending stuur ik het publiek aan. Als ik achter de camera begin te klappen, doen de mensen enthousiast mee. Zo kan ik op het juiste moment nét dat beetje extra energie aan een uitzending geven.
Grofweg de helft van de mensen komt voor het eerst in een televisiestudio. De rest bestaat uit ervaren rotten. Geloof het of niet, maar sommigen zijn zo vaak bij opnames dat ze op straat worden herkend. Een soort halve BN’ers. De nieuwelingen zijn vaak enthousiast. De ervaren rotten hebben al heel wat vlieguren gemaakt en hebben soms een zetje in de rug nodig. Die zijn inmiddels wel wat spektakel gewend, zal ik maar zeggen. Dat vraagt een verschillende aanpak.
Voordat de show begint, wacht het publiek vaak in een stille ruimte. Niet bepaald een plek waar je energieniveau vanzelf van omhooggaat. Als het aan mij ligt, komt daar verandering in, maar dat is een ander verhaal. Een publieksopwarmer kan dan uitkomst bieden, maar die is er niet altijd. In dat geval neem ik graag zelf het initiatief.
Als er tijd voor is, loop ik naar de ruimte waar de mensen wachten om een praatje te maken. Ik spreek mensen persoonlijk aan, herken de ervaren rotten of heet nieuwe gezichten welkom. Dat vind ik niet alleen leuk, het zorgt er ook voor dat mensen zich gezien voelen. Dat merk je vaak terug zodra ze de studio binnenkomen.
Eenmaal in de studio heet ik iedereen welkom en leg ik uit dat ik achter de camera sta en hun energie nodig heb. Vervolgens oefenen we dat op een grappige manier. Ik vertel dat ze, zodra ik begin te klappen, keihard moeten meeklappen. Alsof ze iets zien wat ze nog nooit eerder hebben meegemaakt. We proberen het meteen uit. Dat levert vaak een lach op en haalt de eerste spanning weg.
Tijdens de uitzending merk ik dat die persoonlijke aandacht effect heeft. Als ik achter de camera begin te klappen, doet het publiek gezellig mee. Spontane applausjes zijn er ook veel. Het is voor mij geen trucje om mensen harder te laten klappen. Ik vind het oprecht leuk om contact te maken en ervoor te zorgen dat iedereen zich welkom voelt.
Als je aandacht besteedt aan het publiek, krijg je daar vaak iets voor terug. Kortom: publiek blij, tafelgasten blij, mensen thuis blij.
Ino Verhoef
Opnameleider en presentator
De week van Ino Verhoef
-
ΜaandagVan beginner tot opnameleider: mijn weg door de televisiewereld
-
DinsdagEen kijkje in mijn werkdag: zo pak ik mijn rol als opnameleider aan
-
WoensdagKleine gebaren, groot verschil: mijn kijk op de kracht van communicatie
-
DonderdagEen ode aan publiek: meer dan alleen opvulling