Article header image

Netto mediabestedingen naar € 4,7 miljard

De netto mediabestedingen in Nederland zijn in 2016 met 1,4% gegroeid tot bijna € 4,7 miljard. In absolute bestedingen bedroeg de stijging € 66 miljoen. Internet zag de bestedingen weer met dubbele cijfers toenemen, out of home was de grootste stijger onder de offline media en televisie boekte net als vorig jaar een nipte plus.

Alle andere mediumtypen zagen de inkomsten uit de verkoop van advertentieruimte dalen. Dit blijkt uit het Jaarrapport Netto Mediabestedingen 2016 dat Nielsen binnenkort publiceert. Dankzij de lage inflatie was er nog sprake van reële groei voor de netto mediabestedingen in 2016. Daarbij komt dat de groei vrijwel geheel veroorzaakt wordt door online en dat de printmedia de groei van de totale markt temperen door opnieuw sterk dalende inkomsten uit de advertentiemarkt.

De bedrijfsinvesteringen staan na de laatste crisis weer flink in de plus, maar de media profiteren daar maar heel weinig van. De offline media zagen de gezamenlijke inkomsten uit advertenties in 2016 dalen met iets meer dan 3%, terwijl de bestedingen aan internet stegen met meer dan 11%. Het toont de trend aan van dalende mediabestedingen aan traditionele mediumtypen, die al een decennium gaande is.

Dit komt vooral door de sterk afnemende advertentieomzet van print. Andere mediumtypen als televisie, radio en out of home laten nog regelmatig groeicijfers zien. Tegelijkertijd zet de groei van online advertising onverminderd voort. De gemiddelde groei over de afgelopen tien jaar bedroeg meer dan 9,5%, terwijl in dezelfde periode de bestedingen aan traditionele media daalden met gemiddeld 5%.

De netto mediabestedingen bedroegen in 2007 nog € 5,2 miljard. In 2016 is daar nog € 4,7 miljard van over. De twee grootste verschuivingen zijn te zien bij online en print. Bij eerstgenoemde is een groei te zien van bijna € 1 miljard. De printmedia hebben in de afgelopen tien jaar € 1,5 miljard verloren. Per saldo is € 500 miljoen verdwenen uit de Nederlandse advertentiemarkt.

De aandelen van audiovisuele media (televisie, radio en bioscoop), online en print lagen in 2012 en 2013 heel dicht bij elkaar. Elk cluster eiste ongeveer een kwart van de markt op. Daarna begonnen de aandelen steeds meer van elkaar af te wijken, met een sterk groeiende dominantie voor online.

Ondanks alle berichten over de dalende kijktijd van lineaire televisie, was toch nog sprake van toegenomen advertentie-inkomsten (+ 0,4%) voor het grootste mediumtype. Deze stijging was inclusief de mediabestedingen aan online video. Zonder de videobestedingen zou televisie een minimale groei van 0,1% hebben gerealiseerd.

Radiozenders zagen de netto mediabestedingen voor het tweede jaar op rij dalen, maar met -0,1% was die daling minimaal. En veel minder groot dan in 2015, toen nog een verlies werd geleden van 3,5%.

Bron: Nielsen

Bericht delen